ECLI:NL:GHAMS:2021:3211
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling na voetbalincident in Den Haag
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Den Haag betreffende een mishandeling op 13 november 2016 na een voetbalwedstrijd. De verdachte werd ervan beschuldigd de benadeelde partij in het gezicht te hebben geslagen. Tijdens de zitting op 12 oktober 2021 werden verklaringen van de benadeelde, de verdachte en omstanders betrokken.
Het hof oordeelde dat de situatie tumultueus was en dat de verklaringen met behoedzaamheid moesten worden gewogen. Er was onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte de mishandeling had gepleegd. Daarom werd de verdachte vrijgesproken van de tenlastelegging.
De benadeelde partij had een vordering tot immateriële schadevergoeding van €250 en proceskosten ingediend. Omdat de verdachte werd vrijgesproken, kon de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard in deze vordering. Beide partijen dragen hun eigen kosten.
Het arrest werd uitgesproken op 26 oktober 2021 door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en schadevordering wordt niet-ontvankelijk verklaard.