ECLI:NL:GHAMS:2021:3312
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie na echtscheiding en hertrouwen man
Partijen zijn in 1983 gehuwd en in 2015 gescheiden. De man betaalde aanvankelijk partneralimentatie van €3.200 per maand, die in 2018 op nihil werd gesteld. De vrouw stelde dat gewijzigde omstandigheden een herziening rechtvaardigen, onder meer vanwege het hertrouwen van de man en aflossing van belastingschulden.
Het hof oordeelde dat de nihilstelling uit 2018 niet meer aan de wettelijke maatstaven voldoet en dat de partneralimentatie dient te worden herzien. De ingangsdatum van de wijziging werd vastgesteld op 23 mei 2019, de datum van het inleidend verzoekschrift. De behoefte van de vrouw werd vastgesteld op €3.153 netto per maand in 2019, maar de draagkracht van de man werd berekend op basis van een salaris van €46.032 plus bijtelling privégebruik auto en woonlasten gedeeld met zijn echtgenote.
De partneralimentatie werd vastgesteld op €888 bruto per maand. Het hof verwierp het verweer van de man dat de behoefte van de vrouw was verbleekt of dat haar gedrag tot beëindiging van de alimentatieplicht moest leiden. Ook het verzoek tot een voorlopige voorziening werd afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De partneralimentatie is gewijzigd naar €888 bruto per maand met ingang van 23 mei 2019, en het verzoek tot voorlopige voorziening is afgewezen.