In deze strafzaak ging het om bedreiging met zware mishandeling, meermalen gepleegd. De verdachte werd in eerste aanleg door de politierechter veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur en 40 dagen hechtenis, met een proeftijd. Het hoger beroep richtte zich tegen deze strafoplegging.
Het gerechtshof Amsterdam vernietigde het vonnis voor wat betreft de opgelegde taakstraf en deed in dat onderdeel opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van één maand, met een proeftijd van twee jaar. De gevangenisstraf zal niet ten uitvoer worden gelegd tenzij de verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt.
Voor het overige bevestigde het hof het vonnis van de politierechter. De strafrechtelijke beoordeling van de feiten en de bewezenverklaring bleven ongewijzigd. De uitspraak werd gedaan door mr. N.A. Schimmel, in aanwezigheid van griffier A. de Wit.