ECLI:NL:GHAMS:2021:3938
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs ongeldigverklaring rijbewijs
De verdachte werd ten laste gelegd dat hij op 4 juni 2020 in Beverwijk een motorrijtuig bestuurde terwijl zijn rijbewijs voor categorie B ongeldig was verklaard en hij daarvan op de hoogte was. Het openbaar ministerie vorderde een gevangenisstraf van drie weken.
Het hof stelde vast dat voor een bewezenverklaring vereist is dat het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs bekend was gemaakt aan de verdachte en dat zes dagen na die bekendmaking waren verstreken, dat geen ander rijbewijs was afgegeven en dat de verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs ongeldig was.
Uit het dossier bleek dat de stukken over de ongeldigverklaring uit 2002 niet meer beschikbaar waren, waaronder de mededeling van het CBR aan de verdachte. Hierdoor kon het hof niet vaststellen dat het rijbewijs ongeldig was en dat de verdachte daarvan op de hoogte was.
De vordering van het openbaar ministerie werd daarom verworpen en het hof sprak de verdachte vrij. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs dat rijbewijs ongeldig was en dat hij daarvan op de hoogte was.