ECLI:NL:GHAMS:2021:3957
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.T. van der Meer
- J.W.M. Tromp
- J.H. Lieber
- Rechtspraak.nl
Klacht tegen notaris over onjuist advies huwelijkse voorwaarden niet-ontvankelijk wegens overschrijding vervaltermijn
Klaagster diende een klacht in tegen de notaris vanwege het opstellen van huwelijkse voorwaarden met een finaal verrekenbeding in plaats van een algehele gemeenschap van goederen, wat leidde tot hogere inkomstenbelasting na het overlijden van haar echtgenoot.
De klacht werd ingediend na de wettelijke termijn van drie jaar, gerekend vanaf het moment dat klaagster kennis had of redelijkerwijs had kunnen nemen van het handelen van de notaris. Het hof oordeelde dat klaagster al bij het passeren van de akte in 2014 op de hoogte was van het verrekenbeding en dat de klacht derhalve te laat was ingediend.
Ook de nadere vervaltermijn van één jaar, ingaande op het moment dat de gevolgen van het handelen van de notaris bekend werden (in 2016), was reeds verstreken toen de klacht werd ingediend in november 2020. Daarom verklaarde het hof de klacht niet-ontvankelijk.
Het hof vernietigde de eerdere beslissing van de kamer voor het notariaat en sprak de niet-ontvankelijkverklaring uit. De zaak werd behandeld in hoger beroep met pleidooien van beide partijen en een uitgebreide motivering over de toepasselijkheid van de vervaltermijnen volgens artikel 99 lid 21 Wna Pro.
Uitkomst: Klacht tegen notaris wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke klachttermijn.