ECLI:NL:GHAMS:2021:3986
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep toekenning vergoeding kosten rechtsbijstand in eenvoudige strafzaak
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de raadkamer van de rechtbank Amsterdam waarin een vergoeding voor kosten rechtsbijstand was gematigd tot €1.500,00 voor de strafzaak. De strafzaak betrof een eenvoudige zaak met een dossier van circa 15 pagina's. De rechtbank matigde de vergoeding omdat zij de bestede uren en het uurtarief van €250 exclusief btw niet redelijk achtte.
Het hof heeft het hoger beroep gegrond verklaard en de beschikking van de rechtbank vernietigd. Het hof oordeelde dat de advocaat voldoende heeft toegelicht waarom bijna 16 uren aan de zaak zijn besteed en achtte de matiging van de rechtbank niet gerechtvaardigd. Het hof vond gronden van billijkheid aanwezig om de volledige gevraagde vergoeding van €4.568,96 toe te kennen voor de strafzaak.
Daarnaast kende het hof ook een vergoeding toe voor de kosten van rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure in eerste aanleg en hoger beroep, tezamen €830,00. De totale vergoeding bedraagt daarmee €5.398,96.
De beschikking is uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 16 december 2021 en de tenuitvoerlegging van de beschikking is bevolen door overmaking van het bedrag op de derdengeldenrekening van de advocaat.
Uitkomst: Het hof kent een volledige vergoeding van €5.398,96 toe voor kosten rechtsbijstand.