ECLI:NL:GHAMS:2021:4128

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 december 2021
Publicatiedatum
30 december 2021
Zaaknummer
23-002518-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 107 Wegenverkeerswet 1994Art. 9 SrArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c Sr
Verwijzingen
8 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep rijden zonder geldig rijbewijs met voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de kantonrechter te Amsterdam inzake rijden zonder geldig rijbewijs op 8 maart 2021. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee weken, voorwaardelijk opgelegd voor de duur van twee jaren. Daarnaast werd een taakstraf van 40 uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van 20 dagen indien de taakstraf niet naar behoren wordt verricht. Tevens werd een eerdere voorwaardelijke hechtenisstraf van één week uit 2019 vervangen door een taakstraf van 30 uur met een vervangende hechtenis van zeven dagen.

De strafrechtelijke kwalificatie betrof een overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Het hof bepaalde dat de voorwaardelijke gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd tenzij de verdachte zich binnen de proeftijd schuldig maakt aan een nieuw strafbaar feit. De uitspraak werd gewezen door rechter N.A. Schimmel in aanwezigheid van griffier L.M. van Leeuwen.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf en 40 uur taakstraf met vervangende hechtenis.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-079967-21 en 96-115816-19 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-002518-21
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 16 december 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 27 augustus 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1981 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994
gepleegd
op 8 maart 2021 te Amsterdam.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c en 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 107 en 177 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Ten aanzien van het bewezenverklaarde
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
20 (twintig) dagen hechtenis.
Gelast in plaats van de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de kantonrechter Almere van 21 oktober 2019 met parketnummer 96-115816-19, te weten een hechtenis voor de duur van één week met proeftijd van 2 jaren, een
taakstrafvoor de duur van
30 (dertig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
7 (zeven) dagen hechtenis.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van L.M. van Leeuwen, griffier.
mr. N.A. Schimmel