ECLI:NL:GHAMS:2022:1036
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis afwijzing nakoming zorgregeling en omgang minderjarige
Het geschil betreft de nakoming van een zorgregeling voor een minderjarige, vastgesteld in een beschikking van het hof op 3 november 2020. De man vordert dat de vrouw wordt veroordeeld tot nakoming van deze regeling of tot een alternatieve omgang, waaronder videocontact, mede in afwachting van het behandeltraject van de minderjarige bij Mentaal Beter.
De voorzieningenrechter wees deze vorderingen af omdat omgang op dit moment niet in het belang van de minderjarige is, die een interne blokkade ervaart en niet gemotiveerd is voor contact met de vader. Het hof bevestigt deze beoordeling en wijst de grieven van de man af. De man vermoedt ouderverstoting, maar heeft dit onvoldoende aannemelijk gemaakt.
Het hof overweegt dat het afdwingen van contact op dit moment averechts werkt en dat de man er goed aan zou doen hulp te zoeken om beter aan te sluiten bij de belevingswereld van de minderjarige. Ook is geen bewijs gevonden dat de vrouw het contact dwarsboomt. De kosten van hoger beroep worden gecompenseerd en het bestreden vonnis wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de vorderingen tot nakoming van de zorgregeling af.