In deze zaak stond verdachte terecht voor diefstal gepleegd op 3 maart 2021 te Amsterdam. Het hof behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 31 maart 2021.
Het gerechtshof heeft het vonnis van de politierechter vernietigd en doet opnieuw recht. De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van één dag, waarbij de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht. Daarnaast is een taakstraf van veertien uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van zeven dagen indien de taakstraf niet naar behoren wordt uitgevoerd.
De strafoplegging houdt rekening met de duur van het voorarrest en de ernst van het bewezenverklaarde feit. Het hof heeft de straf aangepast ten opzichte van het vonnis in eerste aanleg, waarbij het belang van een evenwichtige strafoplegging centraal stond.