ECLI:NL:GHAMS:2022:1239
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarig kind
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 26 april 2022 de beschikking van de kinderrechter van 15 januari 2021 bekrachtigd waarin een machtiging tot uithuisplaatsing van een jong kind is verleend. De ouders waren in hoger beroep gekomen tegen deze beschikking, maar het hof oordeelde dat de machtiging terecht was verleend.
De feiten betreffen een gezin met meerdere kinderen waarvan de oudste drie al uit huis waren geplaatst vanwege ernstige zorgen over verwaarlozing en huiselijk geweld. Het jongste kind verbleef samen met een zus in een pleeggezin. De ouders hadden onvoldoende medewerking verleend aan vrijwillige hulpverlening en hadden contact met betrokken instanties genegeerd, wat de veiligheid van het kind in gevaar bracht.
Het hof stelde vast dat de spoedmachtiging en de daaropvolgende machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk waren in het belang van de verzorging en opvoeding van het kind. Gezien de kwetsbaarheid van het kind en de ervaringen met de oudere kinderen was het ontbreken van voldoende zicht op de opvoedsituatie bij de ouders een zwaarwegende reden.
De ouders voerden aan dat zij wel hadden meegewerkt en slechts kritisch waren, maar het hof volgde dit niet. De beslissing van de kinderrechter werd dan ook bekrachtigd en de machtiging tot uithuisplaatsing bleef van kracht, ondanks dat de periode waarvoor deze was verleend inmiddels was verstreken.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt de beschikking tot machtiging tot uithuisplaatsing van het minderjarige kind.