ECLI:NL:GHAMS:2022:1549
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige in netwerkpleeggezin
De zaak betreft de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, die sinds november 2020 in een netwerkpleeggezin verblijft. De moeder, die het eenhoofdig gezag heeft, verzet zich tegen de verlenging en wenst terugplaatsing van de minderjarige bij haar. De gecertificeerde instelling (GI) en de Raad voor de Kinderbescherming adviseren verlenging vanwege de voortdurende zorgbehoefte van de minderjarige.
De moeder heeft een lage TIQ en diverse psychische beperkingen, en ondanks begeleiding en adviezen is zij onvoldoende in staat structuur en voorspelbaarheid te bieden aan de minderjarige. Na omgangsbezoeken is er sprake van terugval in het gedrag van de minderjarige, die bij de pleegouders een positieve ontwikkeling doormaakt dankzij de geboden structuur en zorg.
Het hof concludeert dat de gronden voor verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing ten tijde van de bestreden beschikking aanwezig waren en nog steeds gelden. De belangen van de minderjarige bij een stabiele en veilige opvoedingssituatie prevaleren, waardoor de machtiging wordt verlengd en de bestreden beschikking wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige.