ECLI:NL:GHAMS:2022:1692
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kinderalimentatie ondanks WSNP wegens bijzondere omstandigheden
De man en vrouw zijn ouders van een minderjarige en hadden een relatie tot november 2017. De rechtbank had bepaald dat de man vanaf maart 2018 een bijdrage van €385 per maand aan kinderalimentatie moest betalen. Na het onder bewind stellen van de goederen van de man en de toepassing van de WSNP, werd de alimentatie verlaagd tot €25 per maand.
De man verzocht om de alimentatie op nihil te stellen gedurende de WSNP-periode. Het hof overwoog dat hoewel jurisprudentie doorgaans leidt tot nihilstelling bij WSNP, bijzondere omstandigheden dit kunnen rechtvaardigen. De vrouw leefde niet van bijstand maar van een WAO-uitkering van circa €1.500 netto per maand, met daarnaast toeslagen en een kindgebonden budget.
De schuldenlast van de man bedroeg bijna €27.000, waarvan een groot deel achterstallige alimentatie was. De vrouw was de grootste schuldeiser en leefde van een zeer beperkt leefgeld. Het hof concludeerde dat de bijdrage van €25 per maand niet in mindering komt op de WAO-uitkering en dus ten goede komt aan het kind. Gezien deze bijzondere omstandigheden werd de lagere bijdrage gehandhaafd en de bestreden beschikking bekrachtigd.
Uitkomst: De kinderalimentatie van €25 per maand wordt gehandhaafd ondanks toepassing WSNP vanwege bijzondere omstandigheden.