ECLI:NL:GHAMS:2022:2356
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging onderbewindstelling wegens hoarding en verminderde vermogensbeheer
De zaak betreft een hoger beroep tegen een beschikking van de kantonrechter Amsterdam waarbij onderbewindstelling werd ingesteld over de goederen van de rechthebbende, een vrouw geboren in 1945, wegens haar lichamelijke en geestelijke toestand.
De rechthebbende verzet zich tegen de onderbewindstelling en stelt dat zij haar eigen zaken kan behartigen en geen schulden heeft. Wel erkent zij een probleem met hoarding, waarvoor zij al hulp krijgt van een mentor. De bewindvoerders en haar zonen stellen echter dat de onderbewindstelling noodzakelijk is vanwege haar onvermogen overzicht te houden over haar financiën en de grote hoeveelheid spullen in haar woning die een brandgevaar vormen.
Het hof stelt vast dat de rechthebbende haar vermogensrechtelijke belangen niet behoorlijk kan waarnemen door haar geestelijke toestand, waaronder vermoedelijke cognitieve achteruitgang en hoarding. De onderbewindstelling is noodzakelijk om haar te beschermen en te helpen bij het bewaren van overzicht, ook met het oog op mogelijke ontruiming van haar woning.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de kantonrechter van 27 oktober 2021 en handhaaft de onderbewindstelling.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de onderbewindstelling wegens de geestelijke toestand en hoarding van de rechthebbende.