Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
Vonnis waarvan beroep
Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging
www.rijksoverheid.nl’. Dit geactualiseerde Protocol wijkt niet wezenlijk af van de voorafgaande versie.
Gerechtshof Amsterdam
Op 20 juni 2020 werd verdachte betrapt op het niet dragen van een mondkapje in de metro te Amsterdam, terwijl dit sinds 1 juni 2020 verplicht was gesteld vanwege COVID-19 maatregelen. Een BOA legde direct een boete op zonder eerst een waarschuwing te geven of de verdachte de gelegenheid te bieden het verzuim te herstellen.
De kantonrechter verklaarde het ten laste gelegde bewezen maar legde geen straf op vanwege het ontbreken van een waarschuwing. Het openbaar ministerie ging in hoger beroep tegen de ontvankelijkheid van de vervolging. Het hof oordeelde dat het Protocol verantwoord reizen in het openbaar vervoer, vastgesteld door de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, een rechtsregel bevat die voorschrijft dat eerst een waarschuwing moet worden gegeven alvorens een boete kan worden opgelegd.
Het hof stelde dat het openbaar ministerie gebonden is aan deze regel en dat het ontbreken van een waarschuwing betekent dat vervolging niet ontvankelijk is, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn. Omdat het OM geen bijzondere omstandigheden had aangevoerd, verklaarde het hof het OM niet-ontvankelijk in de vervolging. Het arrest vernietigt het eerdere vonnis en doet opnieuw recht.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een waarschuwingsplicht door de BOA voorafgaand aan de boete.