ECLI:NL:GHAMS:2022:3177
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Terugwijzing zaak wegens nietigheid oproeping verdachte in belastingfraudezaak
In deze strafzaak was verdachte beschuldigd van het opzettelijk doen van onjuiste en onvolledige aangiften omzetbelasting namens twee bedrijven, het vervalsen van verkoopfacturen en bankafschriften, en het opzettelijk ter beschikking stellen van valse en vervalste boeken en bescheiden aan de Belastingdienst.
Tijdens het hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat de rechtbank Amsterdam op 19 maart 2021 niet aan de inhoudelijke behandeling van de zaak had mogen toekomen omdat verdachte niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was opgeroepen. De oproeping was niet correct betekend, omdat de poging tot uitreiking aan het adres waar verdachte niet stond ingeschreven, niet geslaagd was en de oproeping vervolgens aan een parketmedewerker was betekend.
De raadsman van verdachte heeft in hoger beroep een beroep gedaan op de nietigheid van de inleidende dagvaarding vanwege deze betekeningsverzuimen. Het hof acht dit beroep gegrond en vernietigt het vonnis van de rechtbank. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank Amsterdam met het bevel om met inachtneming van dit arrest opnieuw recht te doen.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 augustus 2022. Mr. S. Clement en mr. P.C. Römer waren niet in staat het arrest mede te ondertekenen.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de zaak terug naar de rechtbank wegens nietigheid van de oproeping van verdachte.