ECLI:NL:GHAMS:2022:3190
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten rechtsbijstand na foutieve sepotbrief in hennepzaak
De appellant vroeg vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in verband met een strafzaak over een hennepkwekerij in een door hem verhuurde bedrijfsruimte. De strafzaak werd geseponeerd zonder dat hij ooit als verdachte was aangemerkt of verhoord. De rechtbank wees de vergoeding af omdat er geen strafzaak tegen hem was geweest.
Het hof oordeelde dat de kosten gemaakt vóór ontvangst van de sepotbrief niet voor vergoeding in aanmerking komen, omdat toen geen strafzaak tegen appellant liep en hij niet als verdachte werd beschouwd. Voor de kosten gemaakt na de foutieve verzending van de sepotbrief op 22 juni 2021 kent het hof wel een vergoeding toe, omdat het openbaar ministerie een fout heeft gemaakt.
Daarnaast kent het hof op grond van billijkheid ook vergoeding toe voor kosten van de verzoekschriftprocedures in eerste aanleg en hoger beroep. Het totaal toegekende bedrag bedraagt € 1.449,26. De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en het hof doet opnieuw recht.
Uitkomst: Hof kent vergoeding van € 1.449,26 toe voor kosten rechtsbijstand na foutieve sepotbrief.