Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Aan u wordt een structureel tantième toegekend ter grootte van twee maandsalarissen. Aan u kan op basis van prestatie een variabel tantième worden toegekend. Het variabele tantième is onder meer afhankelijk van het resultaat van de aangesloten rederijen van de Spliethoff-groep en van uw functioneren. Het tantième wordt jaarlijks in februari van het volgende jaar uitgekeerd, dan wel op het moment van uitdiensttreding.’
Conflict of interest situations are to be avoided. Employees have the obligation to notify the HR Department whenever a relationship could create a conflict of interest. A conflict of interest occurs when an employee’s personal relationships, (…) could influence the employee’s decisions in conducting Spliefhoff’s business.’
Spliethoff condemns any act of bribery. Employees shall not offer, promise or give a bribe either directly or indirectly to a person in a position of trust (…) nor shall they request or receive a bribe (passive bribery). Bribe is a financial payment or gift to another person in order to induce or reward a person for the improper performance of his function or activity and thereby to secure business or a business advantage. A breach of the expectation that a person will act in good faith, impartially or in accordance with a position of trust counts as improper performance.’
We hebben in de bijeenkomst met commissarissen op 8 juni jl. gesproken over een aantal kwesties die niet goed lopen. (…)
Wij hebben geen aanwijzingen dat de heer [appellant] (…) op de hoogte [was] c.q. zich bewust [was] van het feit dat (het merendeel van) de uitgaven van de door hen gemaakte reizen zijn voldaan middels (niet zakelijke) betalingen ten laste van de bankrekeningen van [bedrijf 2] BV en [bedrijf 3] BV.’ En: ‘
Het viel [appellant] wel op dat het soms om omvangrijke bedragen ging en het stond wel op het lijstje van [appellant] om [naam 2] daarnaar te vragen, bijvoorbeeld bij de volgende keer dat de inhoudingen tantième zouden worden vastgesteld, maar dat was nog niet gebeurd.’
3.3. Beoordeling
Hoe kom ik ooit weer bij je uit het krijt?” [appellant] stelt dat velen binnen het bedrijf, waaronder commissaris [naam 3] , ervan op de hoogte waren dat [naam 2] gebruik maakte van privé vluchten, maar [appellant] heeft niet voldoende gemotiveerd gesteld dat zijn leidinggevenden ervan op de hoogte waren dat aan hem, [appellant] , de hierboven genoemde reizen en verblijven – meer in het bijzonder de reizen en verblijven naar en in Abu Dhabi - kosteloos verstrekt waren. Evenmin heeft [appellant] hiervan concreet bewijs aangeboden. Daarentegen had [naam 2] hem in september 2015 verzocht het krijgen van de reizen en verblijven “
voor ons te houden aangezien het binnen Spliethoff verkeerd geïnterpreteerd kan worden”. Dat had bij [appellant] het besef moeten doen ontstaan dat [naam 2] hem een gunst wilde verlenen, waartegenover dan enigerlei vorm van verwachte wederdienst (bijvoorbeeld in de vorm van minder strikt controleren van de handel en wandel van [naam 2] ) kon komen te staan.
4.Beslissing
mr. C.A.H.M. ten Dam, en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 15 november 2022.