ECLI:NL:GHAMS:2022:447
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte wegens te laat ingesteld hoger beroep
De verdachte werd bij verstek veroordeeld door de kantonrechter in de rechtbank Noord-Holland op 30 juni 2021. De dagvaarding was op 11 maart 2021 aan een huisgenoot betekend. Het hoger beroep had binnen veertien dagen na het vonnis ingesteld moeten worden, maar de verdachte stelde dit pas op 10 september 2021 in.
De verdachte gaf aan op de hoogte te zijn geweest van de zitting op 30 juni 2021, maar deze door drukte over het hoofd had gezien. Tijdens de zitting in hoger beroep bevestigde hij dit.
Het gerechtshof oordeelt dat het hoger beroep niet tijdig is ingesteld en verklaart de verdachte daarom niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens te late indiening.