ECLI:NL:GHAMS:2022:449
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 9 februari 2022 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep tegen het vonnis van de kantonrechter van 12 februari 2021. De verdachte heeft geen schriftelijke grieven ingediend en ook geen mondelinge bezwaren tegen het vonnis kenbaar gemaakt.
Het hof heeft vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat bij het verdere onderzoek van de zaak. Op grond hiervan heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, conform artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
De beslissing is genomen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij mr. N.A. Schimmel de uitspraak heeft gewezen, in aanwezigheid van griffier J.L. Sterkenburg. Er zijn geen inhoudelijke gronden van het hoger beroep behandeld vanwege het ontbreken van grieven.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.