ECLI:NL:GHAMS:2022:455

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
9 februari 2022
Publicatiedatum
17 februari 2022
Zaaknummer
23-002691-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 9 februari 2022 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de kantonrechter te Amsterdam van 31 mei 2021. De verdachte heeft geen schriftelijke grieven ingediend en ook geen mondelinge bezwaren tegen het vonnis naar voren gebracht. Daarnaast is niet gebleken dat er enig rechtens te respecteren belang bestaat bij het doen van verder onderzoek in deze zaak.

Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld omdat de formele vereisten voor ontvankelijkheid niet zijn vervuld.

De beslissing is genomen door mr. N.A. Schimmel, in aanwezigheid van griffier J.L. Sterkenburg. De uitspraak betreft een verstek arrest, aangezien de verdachte niet is verschenen of niet heeft gereageerd op het hoger beroep.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-009342-21
parketnummer hoger beroep : 23-002691-21
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 9 februari 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 31 mei 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van J.L. Sterkenburg, griffier.
mr. N.A. Schimmel