ECLI:NL:GHAMS:2022:475
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs in hoger beroep
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte vrijgesproken. Het hoger beroep betrof een strafzaak waarin de verdachte werd verdacht van een strafbaar feit, maar het hof oordeelde dat het tenlastegelegde niet bewezen kon worden.
De rechtbank Noord-Holland had op 13 juli 2021 een vonnis gewezen, waartegen het hoger beroep werd ingesteld. Na beoordeling van het dossier en de stukken heeft het hof geconcludeerd dat het bewijs onvoldoende was om tot een veroordeling te komen.
Het hof heeft daarom het vonnis vernietigd en opnieuw recht gedaan door de verdachte vrij te spreken. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 11 februari 2022.
De zaak toont het belang van een zorgvuldige bewijsvoering in strafzaken en bevestigt het principe dat bij twijfel over de schuld de verdachte vrijgesproken moet worden.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs.