ECLI:NL:GHAMS:2022:598
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herroeping erfstelling en klacht tegen oud-notaris over wilsbekwaamheid niet gegrond verklaard
Klaagster was benoemd tot erfgenaam in een testament van haar partner, die deze erfstelling later herroept in een nieuw testament. Klaagster klaagde tegen de oud-notaris omdat deze volgens haar niet het Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid had gevolgd bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van haar partner bij de herroeping.
De kamer voor het notariaat had de klacht gegrond verklaard en de oud-notaris gewaarschuwd wegens onvoldoende inzicht in zijn beoordeling van de wilsbekwaamheid. De oud-notaris ging in hoger beroep tegen deze beslissing. Klaagster voerde aan dat de oud-notaris onvoldoende onderzoek had gedaan gezien de medische toestand van haar partner en de coronamaatregelen die bezoek aan het verpleegtehuis bemoeilijkten.
Het hof oordeelt dat klaagster ontvankelijk is in haar klacht, maar dat de feiten en omstandigheden onvoldoende aanleiding geven om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van erflater op het moment van herroeping. Het hof acht het bezoek van de oud-notaris aan erflater aannemelijk en wijst op het cognitieve functioneren van erflater dat door de zorginstelling als helder werd beoordeeld. Het hof vernietigt de eerdere beslissing en verklaart de klacht ongegrond.
Uitkomst: De klacht tegen de oud-notaris wordt ongegrond verklaard en de eerdere beslissing wordt vernietigd.