Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden.
Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland, waarin verdachte was veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van een hoeveelheid cocaïne. Het hof bevestigde het bewezenverklaarde feit en het vonnis, maar vernietigde het deel van het vonnis dat betrekking had op de strafoplegging.
De rechtbank had een gevangenisstraf van 60 maanden opgelegd, terwijl de advocaat-generaal een straf van 48 maanden had gevorderd. Het hof overwoog dat de ernst van het feit, de schadelijkheid van cocaïne voor de volksgezondheid en de maatschappelijke overlast door drugscriminaliteit een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigen.
Echter, rekening houdend met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de omstandigheden waaronder het feit was gepleegd, achtte het hof een gevangenisstraf van 24 maanden passend. De tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht, wordt in mindering gebracht op de straf. De rest van het vonnis blijft ongewijzigd.
De tenuitvoerlegging van de straf zal volledig binnen de penitentiaire inrichting plaatsvinden, met mogelijke deelname aan een penitentiair programma of regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling volgens de geldende wetgeving.
Uitkomst: Gevangenisstraf van 24 maanden met aftrek van voorarrest opgelegd voor invoer van cocaïne.