ECLI:NL:GHAMS:2023:1169
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewind en mentorschap ondanks verzoek tot opheffing en ontslag bewindvoerder
De betrokkene is in april 2022 onder bewind en mentorschap gesteld vanwege haar lichamelijke en geestelijke toestand die haar vermogen en belangen beperkt. Goedhart werd benoemd als bewindvoerder en mentor. De betrokkene verzocht in hoger beroep om opheffing van deze beschermingsmaatregelen en ontslag van Goedhart, stellende dat zij haar belangen zelfstandig kan behartigen en dat de communicatie met Goedhart slecht is.
Het hof oordeelt dat de betrokkene onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de beschermingsmaatregelen niet langer noodzakelijk zijn. De financiële situatie is nog instabiel, mede door schulden en onregelmatigheden in het woonadres, en de betrokkene toont gedrag dat haar belangen niet goed dient. Goedhart heeft zich naar het oordeel van het hof voldoende ingezet en er zijn geen gewichtige redenen voor ontslag van Goedhart als bewindvoerder en mentor.
Een deskundigenonderzoek wordt niet gelast omdat de betrokkene dit niet voldoende heeft onderbouwd. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking van de kantonrechter en wijst het verzoek tot opheffing en ontslag af. De betrokkene heeft voorafgaand aan de benoeming van Goedhart de gelegenheid gehad haar voorkeur kenbaar te maken, maar heeft daarvan geen gebruik gemaakt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het bewind en mentorschap en wijst het verzoek tot opheffing en ontslag af.