ECLI:NL:GHAMS:2023:171
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en ontzegging omgang wegens stalking en onveiligheid
In deze civielrechtelijke familierechtzaak stond de vraag centraal of het gezamenlijk gezag over de minderjarige moest worden beëindigd en of de vader omgang mocht hebben met het kind. De vader had de moeder gestalkt en bedreigd, wat leidde tot strafrechtelijke veroordelingen en contact- en gebiedsverboden. De moeder en het kind verkeerden in een onveilige situatie door het gedrag van de vader.
De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en de moeder het eenhoofdig gezag gegeven, de vader het recht op omgang voor een jaar ontzegd en de wettelijke informatieplicht van de moeder buiten toepassing verklaard. De vader ging hiertegen in hoger beroep en verzocht onder meer het gezamenlijk gezag te herstellen, omgang toe te staan en de informatieplicht te herstellen.
Het hof bevestigde dat de communicatie tussen ouders ernstig verstoord is en dat het gedrag van de vader structurele onveiligheid, stress en angst veroorzaakt bij moeder en kind. Het hof oordeelde dat het gezamenlijk gezag niet kon worden gehandhaafd en dat omgang nu een ernstig nadeel voor het kind oplevert. Wel werd de informatieplicht hersteld, maar de raadplegingsplicht werd buiten toepassing gelaten vanwege het contactverbod.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover de informatieplicht buiten toepassing was gesteld, bekrachtigde de rest van de beschikking en wees de overige verzoeken van de vader af. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof beëindigt het gezamenlijk gezag, kent het eenhoofdig gezag toe aan de moeder, ontzegt de vader omgang voor een jaar en herstelt de informatieplicht met uitzondering van de raadplegingsplicht.