ECLI:NL:GHAMS:2023:1890
Gerechtshof Amsterdam
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens belangenverstrengeling
In de zaak met nummer 200.300.684 heeft een raadsheer van het Gerechtshof Amsterdam verzocht zich te mogen verschonen van verdere behandeling van de procedure. Dit verzoek werd ingediend omdat de raadsheer in een bestuursrechtelijke kwestie werd bijgestaan door dezelfde advocaat die ook de tegenpartij in de civiele procedure vertegenwoordigt.
Het hof overwoog dat verschoning dient ter waarborging van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter. Hoewel rechters geacht worden onpartijdig te zijn, kunnen uitzonderlijke omstandigheden aanleiding geven tot een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.
Gezien de genoemde belangenverstrengeling achtte het hof deze vrees gerechtvaardigd en wees het het verzoek tot verschoning toe. De beslissing werd genomen door drie raadsheren en is op 12 juni 2023 vastgesteld.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de raadsheer wordt toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor gebrek aan onpartijdigheid.