ECLI:NL:GHAMS:2023:1920
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering individueel onderwijsprogramma voor leerling gymnasium
In deze zaak vordert de moeder van een leerling, hierna [X], dat de school Lely een individueel onderwijsprogramma aanbiedt dat [X] in staat stelt haar vwo-diploma te behalen, nadat zij niet was toegelaten tot 2 gymnasium. De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen partijen en de zorgplicht uit artikel 17b lid 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs.
De feiten tonen dat [X] in het schooljaar 2020/2021 met een uitzondering tot 1 gymnasium werd toegelaten, ondanks een basisschooladvies vmbo-t/havo. Na onvoldoende resultaten werd zij niet bevorderd naar 2 gymnasium, maar wel aangeboden geplaatst te worden in 2 havo. De moeder was het hier niet mee eens en startte een procedure.
De voorzieningenrechter wees de vorderingen af, stellende dat er geen sprake was van een onjuiste beslissing van de school en dat de overeenkomst geen resultaatsverbintenis inhield. Het hof bekrachtigt dit oordeel. Het hof overweegt dat de school heeft voldaan aan haar zorgplicht, onder meer door het aanbod 2 havo te volgen en het zoeken naar alternatieven. Ook is onvoldoende gebleken dat het ontbreken van een BPO-er tot de situatie heeft geleid.
De vordering tot het aanbieden van een individueel onderwijsprogramma wordt daarom afgewezen en de moeder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering af en bekrachtigt het vonnis dat geen individueel onderwijsprogramma hoeft te worden aangeboden.