ECLI:NL:GHAMS:2023:1929
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging toewijzing huurrecht echtelijke woning aan moeder en hoofdverzorger kinderen
Partijen zijn in 2015 gehuwd en hebben drie minderjarige kinderen. Na de echtscheiding is bij beschikking bepaald dat de vrouw het huurrecht van de echtelijke woning krijgt toegewezen. De man kwam hiertegen in hoger beroep en verzocht het huurrecht aan hem toe te wijzen, stellende dat hij de oorspronkelijke huurder is en hij moeilijk woonruimte kan vinden.
De vrouw betoogde dat zij en de kinderen in de woning verblijven, de woning geschikt is voor de kinderen, vooral vanwege de medische situatie van een van hen, en dat zij geen alternatieve woonruimte heeft. De rechtbank had het huurrecht aan haar toegekend om te voorkomen dat zij met de kinderen op straat komt te staan.
Het hof overwoog dat beide partijen belang hebben bij het huurrecht en dat het vinden van vervangende woonruimte moeilijk is. Het belang van de kinderen, met name de jongste met autisme, om in hun huisvesting te blijven en op dezelfde school te blijven, weegt zwaar. De vrouw is de hoofdverzorger en de kinderen hebben hun hoofdverblijf bij haar. Daarom is het huurrecht terecht aan haar toegewezen en wordt de bestreden beschikking bekrachtigd.
Uitkomst: Het huurrecht van de echtelijke woning wordt toegewezen aan de vrouw als hoofdverzorger van de kinderen.