ECLI:NL:GHAMS:2023:2021
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding hoger beroep wegens niet-uitreiking aan woonadres in Roemenië
In deze strafzaak is hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de politierechter. De verdachte, woonachtig in Roemenië, is niet verschenen bij de terechtzitting in hoger beroep. Het hof heeft vastgesteld dat de dagvaarding in hoger beroep niet is verzonden naar het Roemeense woonadres van de verdachte, terwijl dit volgens artikel 36e, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering verplicht is wanneer de verdachte niet in Nederland is ingeschreven en niet gedetineerd is.
De advocaat-generaal overhandigde een akte waaruit bleek dat de dagvaarding aan het Openbaar Ministerie was betekend omdat de verdachte geen verblijfplaats in Nederland heeft. Uit het dossier blijkt dat de verdachte tijdens een politieverhoor heeft verklaard in Roemenië te wonen en dat zijn Roemeense identiteitskaart een adres in Roemenië vermeldt. Ook de raadsvrouw bevestigde dit adres in haar stukken.
Gezien het ontbreken van verzending van de dagvaarding naar het juiste buitenlandse adres, oordeelt het hof dat de dagvaarding niet op de wettelijk voorgeschreven wijze is uitgereikt. Hierdoor is de dagvaarding nietig verklaard en kan het hoger beroep niet worden behandeld.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard wegens niet-uitreiking aan het buitenlandse woonadres van de verdachte.