ECLI:NL:GHAMS:2023:2315
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging kinderalimentatiebeschikking wegens ontbreken onderbouwing gewijzigde omstandigheden
Partijen zijn ouders van een minderjarige geboren in 2014. De man is verplicht tot het betalen van een kinderbijdrage aan de vrouw, waarbij eerdere afspraken en een beschikking uit 2017 de basis vormden.
De vrouw kwam in hoger beroep tegen een beschikking uit 2022 waarin de kinderbijdrage werd vastgesteld op €43 per maand. Zij stelde dat de behoefte van het kind hoger was en dat er sprake was van een gezamenlijke huishouding in het verleden, wat invloed zou moeten hebben op de berekening van de behoefte en draagkracht.
Het hof oordeelde dat er geen sprake was van een gezamenlijke huishouding omdat partijen geen kosten deelden tijdens de periode van inwoning bij de ouders van de vrouw. Hierdoor kon de behoefte niet worden gebaseerd op een gezamenlijk netto gezinsinkomen. Daarnaast kon het hof geen rekening houden met de ter zitting gestelde gewijzigde omstandigheden, zoals het verminderde inkomen van de vrouw en het ontslag van de man, omdat hiervoor geen concrete onderbouwing of recente financiële gegevens waren overgelegd.
Daarom werd de bestreden beschikking, waarin de kinderbijdrage was vastgesteld, bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de eerdere beschikking en wijst de door de vrouw gevraagde verhoging van de kinderbijdrage af wegens gebrek aan onderbouwing.