ECLI:NL:GHAMS:2023:2393

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 juli 2023
Publicatiedatum
16 oktober 2023
Zaaknummer
23-003176-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens intrekking belang

De verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 22 november 2021. Tijdens de terechtzitting op 10 juli 2023 gaf de raadsman aan dat de verdachte het hoger beroep wenst in te trekken omdat hij geen belang meer heeft bij het hoger beroep. Tevens handhaafde verdachte de eerder geuite bezwaren tegen het vonnis niet langer.

Het hof nam kennis van de vordering van de advocaat-generaal tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep. Gezien het ontbreken van een rechtens te respecteren belang bij voortzetting van het hoger beroep, verklaarde het hof de verdachte niet-ontvankelijk op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 10 juli 2023, waarmee het hoger beroep van de verdachte werd beëindigd zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking en gebrek aan belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003176-21
datum uitspraak: 10 juli 2023
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 22 november 2021 in de strafzaak onder parketnummer 15-312872-21 tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] ( [geboorteland01] ) op [geboortedatum01] 1988,
adres: zonder bekende woon- of verblijfplaats.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 10 juli 2023.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Ter terechtzitting van 10 juli 2023 heeft de raadsman medegedeeld dat de verdachte het hoger beroep wenst in te trekken omdat hij geen belang meer heeft bij het hoger beroep. De raadsman heeft daarbij te kennen gegeven dat de verdachte de eerder geuite bezwaren tegen het vonnis niet langer handhaaft.
Nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak zal de verdachte niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D.A.C. Koster, mr. E. van Die en mr. M.L.M. van der Voet, in tegenwoordigheid van mr. C.T. Snellenberg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 10 juli 2023.