ECLI:NL:GHAMS:2023:2584
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevel tot zekerheidstelling proceskosten in hoger beroep civiele zaak
In deze civiele procedure in hoger beroep vordert verweerder zekerheidstelling voor proceskosten van €5.000,- van eisers, die in eerste aanleg een reconventionele vordering hadden ingesteld. Het hof overweegt dat op grond van artikel 224 Rv Pro eisers, die geen woonplaats in Nederland hebben, zekerheid moeten stellen tenzij een uitzondering van toepassing is, welke hier niet is gebleken.
Hoewel eisers aanvoeren dat de vorderingen van partijen elkaars spiegelbeeld zijn en daarom geen zekerheid nodig zou zijn, oordeelt het hof dat dit geen grond is om de vordering af te wijzen. De hoogte van de zekerheid is vastgesteld op het door verweerder gevorderde bedrag van €5.000,-. De vorm van de zekerheid wordt niet vooraf bepaald, mits deze voldoende zekerheid biedt en verhaal mogelijk maakt.
Het hof stelt een termijn van acht weken na uitspraak voor het stellen van zekerheid en houdt de beslissing over de kosten van het incident aan tot het eindarrest in de hoofdzaak. Tevens verwijst het hof de hoofdzaak naar de rol van 19 december 2023 voor nadere uitlatingen over de zekerheidstelling. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam op 10 oktober 2023.
Uitkomst: Eisers worden bevolen binnen acht weken zekerheid te stellen voor €5.000 aan proceskosten, op straffe van niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak.