Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
- [de vader] (hierna: de vader);
- de na te noemen minderjarige [kind 1] (hierna: [kind 1] );
- de na te noemen minderjarige [kind 2] (hierna: [kind 2] ).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft een geschil over de zorgregeling voor twee minderjarige kinderen die sinds 2019 onder toezicht van een gecertificeerde instelling (GI) staan. De moeder en vader zijn gezamenlijk met het gezag belast, maar de kinderen verblijven sinds een spoedmachtiging in 2021 bij de vader. De zorgregeling met de moeder is meerdere malen gewijzigd en verloopt momenteel deels begeleid.
De moeder verzoekt een uitbreiding van de zorgregeling met een opbouw naar een gelijke verdeling en meer overnachtingen bij haar. De GI handhaaft het opvoedbesluit dat de kinderen niet bij de moeder opgroeien vanwege zorgen over haar emotieregulatie. De vader steunt een beperkte uitbreiding, maar uit zorgen over de communicatie en opvoedstijl.
De raad voor de Kinderbescherming adviseert voortzetting van de huidige regeling met toevoeging van een overnachting, onder voorwaarde van meer openheid van de moeder over haar emotionele gesteldheid. Het hof oordeelt dat de huidige zorgregeling goed verloopt en voegt een wekelijkse overnachting bij de moeder toe. Verdere uitbreiding wordt onder regie van de GI gesteld, waarbij de moeder wordt aangemoedigd openheid te geven over haar situatie. De beschikking van de kinderrechter wordt vernietigd en vervangen door deze aangepaste regeling.
Uitkomst: Het hof wijzigt de zorgregeling door wekelijkse overnachting bij de moeder toe te voegen en verdere uitbreiding onder regie van de gecertificeerde instelling toe te staan.