Berend Botje heeft in eerste aanleg een vordering ingesteld tegen een consument wegens onbetaalde facturen voor kinderopvangdiensten. De kantonrechter wees de vordering af omdat Berend Botje niet had voldaan aan de precontractuele informatieverplichtingen zoals voorgeschreven in Boek 6 BW.
In hoger beroep, eveneens bij verstek, stelde Berend Botje dat zij wel aan haar informatieplicht had voldaan door het tijdig verstrekken van duidelijke en begrijpelijke informatie over de diensten, prijzen en opzegmogelijkheden, ondersteund door ondertekende overeenkomsten en een intakegesprek.
Het hof stelde vast dat de consument een consument is en Berend Botje een handelaar, waardoor de wettelijke informatieverplichtingen van toepassing zijn. Het hof oordeelde dat Berend Botje aan deze verplichtingen had voldaan en vernietigde het bestreden vonnis. De vordering tot betaling van de openstaande facturen, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten werd alsnog toegewezen, met veroordeling van de consument in de kosten van het geding.