ECLI:NL:GHAMS:2023:476
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P. Greve
- R.P. den Otter
- L.F. Roseval
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs over te zware belading aanhanger bij bedrijfsauto
De verdachte werd beschuldigd van het overtreden van artikel 2.6 van de Wet wegvervoer goederen door op 27 augustus 2019 met een bedrijfsauto en aanhanger te rijden waarbij de aanhanger te zwaar zou zijn beladen. De aanhanger zou volgens de tenlastelegging een gewicht van 3500 kilogram hebben, terwijl de toegestane maximale massa 2000 kilogram bedroeg.
Tijdens de verkeerscontrole op de Rijksweg A15 te Rotterdam ontbrak echter de weegbon die het gewicht van de aanhanger zou bevestigen. In het dossier waren wel twee rekenstaten aanwezig, maar deze waren tegenstrijdig en onduidelijk over het werkelijke gewicht. Bovendien kwam het genoemde gewicht in de tenlastelegging exact overeen met de maximale toegestane massa volgens de RDW-gegevens, wat het bewijs verder ondermijnde.
Het hof oordeelde dat het niet wettig en overtuigend bewezen was dat de aanhanger te zwaar beladen was ten tijde van de weging. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de verdachte de overtreding had begaan. Het hof vernietigde het vonnis van de economische politierechter en sprak de verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat de aanhanger te zwaar beladen was.