Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van de procedure bij de rechtbank
2.De procedure in hoger beroep
3.De feiten
Artikel 7.1 - Kosten van [minderjarige 1]
Gerechtshof Amsterdam
De vader en moeder zijn ouders van een minderjarige en oefenden gezamenlijk gezag uit. De vader heeft daarnaast een jongere dochter uit een andere relatie. De ouders hadden een ouderschapsplan met een overeengekomen kinderalimentatie die door wettelijke indexering was verhoogd.
De vader verzocht de kinderalimentatie te verlagen vanwege de verdeling van zijn draagkracht over twee kinderen en de hogere inkomsten van de moeder. Het hof oordeelde dat de draagkrachtverhouding tussen de ouders was gewijzigd, waardoor de alimentatie niet meer aan de wettelijke maatstaven voldeed.
Het hof berekende de draagkracht van beide ouders op basis van hun netto besteedbaar inkomen en hield rekening met de bijdrage die de vader voor zijn jongste kind moet betalen. De bijdrage voor het jongste kind werd van de draagkracht van de vader afgetrokken. De kinderalimentatie werd vastgesteld op €465 per maand met ingang van 22 februari 2023.
Het hof besloot dat de moeder niet verplicht is tot terugbetaling van te veel ontvangen alimentatie, gezien haar financiële situatie en het feit dat zij de bedragen aan het kind heeft besteed. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het gewijzigde bedrag werd vastgesteld.
Uitkomst: De kinderalimentatie van de vader wordt gewijzigd naar €465 per maand met ingang van 22 februari 2023.