ECLI:NL:GHAMS:2024:117
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late indiening klacht gerechtsdeurwaarder
Klaagster heeft tegen een beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders beroep ingesteld, maar het beroepschrift werd te laat ingediend. Volgens artikel 45 lid 1 van Pro de Gerechtsdeurwaarderswet moest het beroep binnen dertig dagen na dagtekening van de brief worden ingediend. De termijn eindigde op 12 juni 2023, terwijl het beroepschrift op 14 juni 2023 was gedateerd en pas op 21 juni 2023 bij het hof werd ontvangen.
Klaagster voerde medische problemen bij zichzelf en gezinsleden aan als reden voor de late indiening, evenals haar betrokkenheid bij andere procedures. Het hof oordeelde echter dat deze omstandigheden onvoldoende waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. De rechtszekerheid vereist strikte naleving van beroepstermijnen, en zonder bijzondere omstandigheden kan geen uitzondering worden gemaakt.
Daarom verklaarde het hof klaagster niet-ontvankelijk in haar hoger beroep tegen de beslissing van 12 mei 2023 van de kamer voor gerechtsdeurwaarders. De uitspraak werd gedaan door de kamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 januari 2024.
Uitkomst: Het hof verklaart klaagster niet-ontvankelijk in haar hoger beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare omstandigheden.