ECLI:NL:GHAMS:2024:1256
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- F. Kleefmann
- A.N. van de Beek
- J.A. van Keulen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gezamenlijk gezag en aanpassing zorgregeling na emigratie minderjarige
Na het uiteengaan van de ouders in 2015 oefenden zij gezamenlijk gezag uit over hun kind, [minderjarige 1]. De moeder emigreerde in augustus 2023 met het kind naar Aruba, waardoor de bestaande zorgregeling niet meer uitvoerbaar was. De moeder verzocht om eenhoofdig gezag en een aangepaste zorgregeling met contact via beeldbellen en fysiek contact eens per twee jaar.
De vader betwistte het verzoek tot eenhoofdig gezag en stelde dat het gezamenlijk gezag in het belang van het kind moest blijven. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde eveneens het gezamenlijk gezag te handhaven en wees op het belang van betrokkenheid van beide ouders. Het hof oordeelde dat er geen onaanvaardbaar risico bestaat dat het kind klem of verloren raakt tussen de ouders en dat het gezamenlijk gezag gehandhaafd moet blijven.
Ten aanzien van de zorgregeling stelde het hof vast dat de emigratie de bestaande regeling onuitvoerbaar maakte. Het hof wijzigde de regeling door wekelijkse videobelcontacten op zaterdagavond om 19.00 uur Nederlandse tijd te bepalen en jaarlijks fysiek contact in onderling overleg. Het verzoek van de moeder om fysiek contact eens per twee jaar werd afgewezen als niet in het belang van het kind.
De beschikking van de rechtbank werd op dit punt vernietigd en opnieuw vastgesteld, terwijl het overige van de beschikking werd bekrachtigd. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag blijft gehandhaafd en de zorgregeling wordt gewijzigd met wekelijkse videobelcontacten en jaarlijks fysiek contact.