Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
Grief 1 in het principale hoger beroephoudt in dat de rechtbank in de overwegingen 4.5 tot en met 4.8 van het bestreden vonnis ten onrechte heeft geoordeeld dat LFB-Vastgoed niet heeft gedwaald bij het aangaan van de borgstellingsovereenkomst en dat daarom de op grond van dwaling door LFB-Vastgoed ingestelde (reconventionele) vernietigingsvordering moet worden afgewezen. Het hof oordeelt hierover als volgt.
a contrarioredenering.