Uitspraak
1.Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in het hoger beroep
2.Onderzoek van de zaak
3.Vonnis waarvan beroep
4.Tenlastelegging
- veelvuldig (onderling en/of met anderen) telefonisch Ping contact(en) gehad en/of onderhouden en/of
- een of meerdere geldbedragen (89230 euro en/of 230000 euro) voorhanden heeft/hebben gehad en/of
- een of meerdere voertuigen (een (personen)auto (merk Citroen Berlingo, met [kenteken] ) en/of een (personen)auto (merk Volkswagen Jetta, met [kenteken] ) en/of een auto (merk Mercedes Vito, met [kenteken] ) voorhanden heeft/hebben gehad en/of ter beschikking heeft/hebben gesteld en/of
- een of meerdere woningen/panden (de woning(en)/pand(en) gelegen aan de perce(e)l(en) [adres 1] te Amsterdam en/of [adres 2] te Amsterdam en/of [adres 3] te Amsterdam en/of [adres 4] te Amsterdam-Zuidoost en/of [adres 5] te Diemen en/of [adres 6] te Rotterdam) ter beschikking heeft/hebben gesteld waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);
- [medeverdachte 1] en/of
- [medeverdachte 2] en/of
- [medeverdachte 3]
- [medeverdachte 4] en/of
- [medeverdachte 5] en/of
- [medeverdachte 6]
- het opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen en of het bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren, vervaardigen danwel het opzettelijk aanwezig hebben van een of meerdere hoeveelhe(i)d(en) cocaïne, in elk geval van een of meerdere hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevatten cocaïne, in elk geval van een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1 (artikel 2 Opiumwet Pro) en/of
- het (gewoonte)witwassen van een of meerdere geldbedrag(en) uit misdrijf afkomstig (artikel 420 bis Pro Wetboek van Strafrecht)
5.Interpretatie van de tenlastelegging
6.Waardering van het bewijs
Identificatie Ping-gebruikers en bijnamen
- [medeverdachte 4] heeft gebruik gemaakt van de Ping- en/of bijnamen [bijnaam 1] , [bijnaam 2] , [bijnaam 3] , [bijnaam 4] en [bijnaam 5] .
- [medeverdachte 7] heft gebruik gemaakt van de Ping-naam [bijnaam 6] .
- [medeverdachte 6] heeft gebruik gemaakt van de Ping- en/of bijnamen [bijnaam 7] , [bijnaam 8] , [medeverdachte 6] , [bijnaam 9] , [bijnaam 10] , [bijnaam 11] , [bijnaam 12] en [bijnaam 13] .
- [verdachte] heeft gebruik gemaakt van de Ping-naam [bijnaam 14] .
- [medeverdachte 5] heeft gebruik gemaakt van de Ping- en/of bijnamen [bijnaam 15] , [bijnaam 16] en [bijnaam 17] .
- [medeverdachte 1] heeft gebruik gemaakt van de Ping- en/of bijnamen [bijnaam 18] en [bijnaam 19] en [bijnaam 20] .
- [medeverdachte 2] heeft gebruik gemaakt van de Ping- en/of bijnamen [bijnaam 21] en [bijnaam 22] .
Voor 'deelneming' in de zin van artikel 140 Sr Pro is voldoende dat de betrokkene in zijn algemeenheid weet (in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft. De betrokkene hoeft geen wetenschap te hebben van één of meer concrete misdrijven die door de organisatie worden beoogd.
Bij de vaststelling van het oogmerk kan onder meer betekenis toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie al zijn gepleegd, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking – zoals dat kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie – en, meer algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie.
7.Bewezenverklaring
8.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
9.Strafbaarheid van de verdachte
10.Oplegging van straf
11.Beslag
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
30 (dertig) maanden.