ECLI:NL:GHAMS:2024:2102
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek klacht tegen notaris wegens vermeende partijdigheid
Verzoekster heeft bij het gerechtshof Amsterdam een verzoek tot herziening ingediend van een eerdere beslissing uit 2020 betreffende een klacht tegen een notaris. Zij stelde dat de notaris niet onpartijdig en onafhankelijk kon zijn omdat een kantoorgenoot van de notaris in 2016 een akte had gepasseerd waarbij de vader van erflater een woning aan de kinderen van erflater schonk.
Het hof beoordeelde het verzoek aan de hand van de cumulatieve vereisten voor herziening: de feiten moesten vóór de uitspraak hebben plaatsgevonden, niet bekend en redelijkerwijs niet bekend zijn geweest bij verzoekster, en bij bekendheid het vermoeden rechtvaardigen dat de tuchtrechter anders zou hebben beslist. Het hof oordeelde dat het enkele feit dat een kantoorgenoot een akte had gepasseerd niet voldoende was om partijdigheid van de notaris aan te nemen.
De notaris voerde verweer dat de aangevoerde feiten geen aanleiding gaven tot herziening. Na behandeling van het verzoek in een openbare zitting op 4 juli 2024 wees het hof het herzieningsverzoek af. De beslissing werd op 30 juli 2024 uitgesproken door de rolraadsheer namens het hof.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek tegen de beslissing inzake de klacht tegen de notaris wordt afgewezen wegens onvoldoende grond voor herziening.