Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Eerste aanleg
3.De parallelzaak
4.Beoordeling
€ 173,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Gerechtshof Amsterdam
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen een verstekvonnis van de rechtbank Noord-Holland, waarin hij werd veroordeeld in een regresvordering van Allianz. Tijdens het hoger beroep heeft appellant het beroep ingetrokken, behoudens de vordering tot proceskostenveroordeling van Allianz.
Allianz stelde dat de intrekking van het hoger beroep vóór het nemen van een memorie van antwoord moest worden aangemerkt als afstand van instantie, waardoor appellant verplicht is de proceskosten te betalen. Het hof oordeelde dat appellant wel ontvankelijk is in zijn proceskostenvordering, maar deze vordering afwijst omdat de wettelijke regeling (art. 249 lid 2 Rv Pro) duidelijk bepaalt dat bij afstand van instantie de proceskosten door appellant moeten worden gedragen.
De proceskosten van Allianz werden begroot op €2.899,50. Het hof veroordeelde appellant deze kosten binnen veertien dagen te betalen, met een verzwaring bij niet-tijdige betaling. Deze veroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De uitspraak sluit aan bij een eerder arrest van 19 september 2023 waarin het hof het verzet van appellant ontvankelijk verklaarde en het geding verwees naar de rechtbank.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van €2.899,50 wegens intrekking hoger beroep als afstand van instantie.