Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2024:2503

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
22 augustus 2024
Publicatiedatum
5 september 2024
Zaaknummer
23-000874-22
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416, tweede lid, Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep strafzaak wegens ontbreken grieven

Op 22 augustus 2024 heeft het gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Noord-Holland van 29 maart 2022. De verdachte, zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland, had hoger beroep ingesteld maar heeft geen schriftelijke grieven ingediend noch mondeling bezwaren geuit tijdens de terechtzitting.

De advocaat-generaal vorderde niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Het hof heeft vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang is bij het onderzoek van de zaak in hoger beroep.

Daarom verklaarde het hof de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit drie rechters, waarbij één rechter niet kon medeondertekenen.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000874-22
datum uitspraak: 22 augustus 2024
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 29 maart 2022 in de strafzaak onder parketnummer
15-010555-22 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1995,
zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland.

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
22 augustus 2024.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkend tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv).

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte
niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, Sv.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte
niet-ontvankelijkin het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.R.A. Meerbeek, mr. L.F. Roseval en mr. E.C.M. Bouman, in tegenwoordigheid van
mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
22 augustus 2024.
mr. E.C.M. Bouman is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.