Op 29 maart 2021 ontstond een confrontatie tussen verdachte en het slachtoffer in Abbenes, waarbij het slachtoffer de verdachte meerdere malen belaagde met een mes en hem achtervolgde, ook met zijn auto. Tijdens deze opeenvolgende bedreigingen heeft verdachte uit zelfverdediging een steekwond toegebracht aan het slachtoffer, die later aan de gevolgen daarvan overleed.
De rechtbank had verdachte veroordeeld, maar het hof vernietigde dit vonnis en sprak verdachte vrij van doodslag omdat opzet niet wettig en overtuigend was bewezen. Het hof verklaarde subsidiair bewezen dat verdachte opzettelijk zwaar lichamelijk letsel had toegebracht met een mes, maar oordeelde dat dit niet strafbaar was vanwege noodweer.
Het hof overwoog dat de verdachte zich niet redelijkerwijs aan de derde, dreigende aanranding van het slachtoffer kon onttrekken, mede door eerdere belagingen en bedreigingen. De proportionele reactie van de verdachte werd bevestigd, ondanks het tragische gevolg van het overlijden van het slachtoffer.
De vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen werden door het hof niet-ontvankelijk verklaard omdat geen straf of maatregel werd opgelegd. De kosten werden ieder voor eigen rekening bepaald.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 18 november 2024.