Op 1 november 2023 zag klager een filmpje over een bewonersbijeenkomst in Den Bosch waarin negatieve uitlatingen over Syriërs werden gedaan. Beklaagde reageerde met de woorden "Dat is niet waar, dat is Marokko". Klager vond dat deze reactie strafbaar was als groepsbelediging en discriminatie.
Het hof heeft onderzocht of de uitlating van beklaagde strafrechtelijk vervolgd kon worden. Volgens het hof was niet vast te stellen dat de uitlating betrekking had op Marokkanen in het algemeen, maar op het gedrag van een specifieke groep Marokkaanse vluchtelingen. Kritiek op gedrag valt buiten de strafbepaling van artikel 137c Sr.
Daarnaast oordeelde het hof dat de uitlating niet gericht was tegen een concreet persoon, waardoor eenvoudige belediging niet van toepassing is. Hoewel de uitlating emoties opriep binnen de Marokkaanse gemeenschap, verandert dit de juridische beoordeling niet.
Het hof concludeert dat er geen strafbare uitlating is gedaan en dat het belang ontbreekt om strafrechtelijke vervolging in te stellen. Het beklag wordt daarom ongegrond verklaard en afgewezen.