ECLI:NL:GHAMS:2024:466
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Schorsing uitvoerbaarheid zorgregeling na echtscheiding tot beslissing bodemzaak
Partijen zijn in 2019 gehuwd en hun huwelijk is op 30 november 2023 ontbonden. Zij zijn gezamenlijk gezagdragers over hun minderjarige kind, geboren in 2020. De rechtbank bepaalde de hoofdverblijfplaats bij de moeder en stelde een zorgregeling vast waarbij de vader geleidelijk contact met het kind zou krijgen.
De moeder kwam in hoger beroep tegen deze beschikking en verzocht om schorsing van de uitvoerbaarheid van de zorgregeling totdat de bodemzaak is beslist. De vader verzocht dit te weigeren. Tijdens de zitting bleek dat het kind de vader de afgelopen twee jaar niet heeft gezien en hem niet kent. Alle partijen erkenden het belang van contactherstel.
Het hof besloot de schorsing toe te wijzen en verwees partijen naar het Uniform Hulpaanbod voor begeleiding bij contactherstel en ouderschap na scheiding. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de schorsing geldt tot de beslissing in de hoofdzaak.
Uitkomst: De uitvoerbaarheid van de zorgregeling wordt geschorst totdat in de bodemzaak is beslist.