ECLI:NL:GHAMS:2025:1113
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing gezamenlijk gezag en verlaging kinderalimentatie voor minderjarige
De zaak betreft het gezamenlijk gezag over een minderjarige en de hoogte van de kinderalimentatie. De rechtbank had het verzoek van de vader tot gezamenlijk gezag afgewezen en de kinderalimentatie vastgesteld op 484 euro per maand. De vader ging hiertegen in hoger beroep en verzocht tevens om een lagere kinderalimentatie vanwege een hogere zorgkorting.
Het hof oordeelt dat het uitgangspunt van gezamenlijk gezag niet zonder zwaarwegende redenen kan worden afgewezen. Hoewel de moeder stelt dat er sprake is geweest van huiselijk geweld en communicatieproblemen, vindt het hof dat deze omstandigheden onvoldoende zijn om gezamenlijk gezag te weigeren. De omgang tussen vader en kind verloopt goed en de communicatie tussen ouders is voldoende om gezamenlijke beslissingen te nemen.
Ten aanzien van de kinderalimentatie stelt het hof vast dat de omgangsregeling neerkomt op gemiddeld twee dagen per week bij de vader, wat een zorgkorting van 25% rechtvaardigt. Dit leidt tot een verlaging van de kinderalimentatie naar 425 euro per maand vanaf 21 juni 2024, met een indexering tot 453 euro per maand per 1 januari 2025. De moeder wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar incidenteel hoger beroep. Het hof benadrukt het belang van een goede samenwerking en raadt aan dat ouders hulp zoeken om hun communicatie te verbeteren.
Uitkomst: Het hof kent gezamenlijk gezag toe en verlaagt de kinderalimentatie naar 425 euro per maand met ingang van 21 juni 2024.