ECLI:NL:GHAMS:2025:1303
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over wijziging kinderalimentatie en kostenveroordeling na echtscheiding
De zaak betreft een hoger beroep van de man tegen een beschikking van de rechtbank Haarlem die zijn verzoek tot verlaging van de kinderalimentatie afwees en hem veroordeelde tot betaling van kosten die de vrouw maakte voor inning van de alimentatie.
Partijen waren gehuwd en hebben twee minderjarige kinderen. In 2016 werd een ouderschapsplan vastgesteld met afspraken over de kinderalimentatie. De man betoogde dat de oorspronkelijke afspraken met grove miskenning van wettelijke maatstaven zijn gemaakt en dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden, waaronder een gestegen inkomen van de vrouw en een aanzienlijke schuldenlast bij hem.
Het hof oordeelt dat geen sprake is van grove miskenning van de wettelijke maatstaven in 2016, mede omdat partijen werden bijgestaan door een mediator en advocaat. Wel is er sprake van een relevante wijziging van omstandigheden, met name door het gestegen inkomen van de vrouw en de schuldenlast van de man. Het hof berekent de draagkracht van beide partijen en stelt de kinderalimentatie met ingang van 13 juni 2023 vast op €58,50 per kind per maand.
Daarnaast vernietigt het hof de kostenveroordeling van €1.733,24 aan de vrouw, omdat deze kosten deels betrekking hebben op de periode na de wijzigingsdatum en onduidelijk is welk deel op welke periode ziet. De man hoeft deze kosten dus niet te betalen. Verder oordeelt het hof dat de vrouw geen terugbetaling hoeft te doen van eerder ontvangen alimentatie, omdat deze al aan de kinderen is besteed.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt verlaagd naar €58,50 per kind per maand met ingang van 13 juni 2023 en de kostenveroordeling van €1.733,24 wordt vernietigd.