ECLI:NL:GHAMS:2025:1541
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 12 januari 2024. Tijdens de terechtzitting van 22 mei 2025 heeft het hof vastgesteld dat door of namens verdachte geen schriftelijke grieven zijn ingediend en ook geen mondelinge bezwaren zijn opgegeven. Daarnaast is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat een onderzoek van de zaak rechtvaardigt.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 22 mei 2025.
Deze beslissing betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.