Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
In deze strafzaak is de verdachte in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van 3.025,3 gram cocaïne, een substantieel schadelijke harddrug bestemd voor handel en verspreiding. De rechtbank Noord-Holland had de verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan aftrek van voorarrest.
De verdachte voerde hoger beroep aan en stelde dat zij geen zeggenschap had over de hoeveelheid drugs en slechts een beperkte rol als koerier had. Ook werden haar persoonlijke omstandigheden, waaronder het zijn van een alleenstaande moeder met twee kinderen, aangevoerd als verzachtende factoren.
Het hof bevestigde het bewezenverklaarde, maar vernietigde het vonnis voor wat betreft de strafoplegging. Gelet op de ernst van het feit, de hoeveelheid cocaïne en de maatschappelijke impact van drugshandel, achtte het hof een gevangenisstraf passend. Echter, vanwege de bijzondere persoonlijke omstandigheden en het feit dat de verdachte oorspronkelijk slechts 1.000 gram wilde invoeren, werd de straf verlaagd naar 24 maanden.
De tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, wordt in mindering gebracht op de opgelegde straf. Het vonnis is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 19 juni 2025.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf voor invoer van 3.025,3 gram cocaïne.